Beginpagina van Plantaardigheden.nl
 

Leesmaar.nl
Dodoens en andere bijzondere boeken

Sitemap
Index

Plantaardigheden.nl
Artikelen over planten

Leeswerk.nl
Plantenboeken opengelegd

1554 Cruijdeboeck met transcriptie (overgeschreven)
A | B | C | D | E | F | G| H | IJK | L | M | N | O | P | QR | S | T | U | V | WXYZ

Voorwerk Nederlandse, Duitse, Franse, apothekers-, Latijnse en Griekse namen

Deel 1 Gheslacht, onderscheet, fatsoen, naemen, cracht ende werckinghe Planten Alfabetisch

Deel 2

Deel 3

Deel 4

Deel 5

Deel 6

Register van die cracht der Cruyden
 
Oude Nederlandse namen
* Project Dodoens
Woordenboek Nederlandsche Taal
Plantago PlantIndex
Letter: druk op CTRL, draai ook aan muiswiel
Bijgewerkt 18-02-2015

«  Cruijdeboeck deel 1 capitel 19, bladzijde 35-38  Zie volgende pagina »

Van Gouwe/ en Dotterbloemen.   Cap. xix.

1  
Chelidonium majus - Stinkende gouwe
2  

Ficaria verna subsp. verna - Gewoon speenkruid

3  

Caltha palustris - Dotterbloem

 

Tgheslacht

Der cruyden in Griecx ghenaempt Chelidomum/ zijn twee gheslachten/ waer af dat eene gheheeten wordt groote Gouwe/ ende dandere cleyne Gouwe.

Tfatsoen

Chelidonium majus - Stinkende gouwe

Zie alle foto's van Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Chelidonium maius, Hirundinaria maior (Chelidonia), groote Gouwe (Gouwortel, Swaluwencruyt)

  • 1644 Vlaams: Gouwe (Stinckende oft Groote), Gouwortele
  • 1616 Latijn: Chelidonium maius [48]
  • 1554/1557: Chelidoine, Chelidonia, Chelidonium maius, Esclaire (grande), Gouwe (groote), Gouwortel, Hirundinaria maior, Schelkraut, Schelwurtz (grosz), Schwalbenwurtz (grosz)

Overzicht Chelidonium majus op deze site

Alle foto's van Chelidonium majus op internet

Chelidonium majus bij Kurt Stueber Gruppe Max Planck IZ

Chelidonium majus in Plantago PlantIndex

[36]   1   Die groote Gouwe heeft teere ronde ghehayrde steelen met veel aenwassende zijde tacxkens/ ende elck tacxken heeft veel leedekens ende knopkens. Sijn bladeren zijn den bladeren van Akeleyen wat ghelijck/ maer zy zijn teerder/ ende meer duersneden op die eene zijde wit gruen/ ende op dandere zijde blauwachtich gruen wesende. Boven op die steelen en tacxkens wassen schoone geele bloemkens/ ghelijck geele Violetten die in langhe hauwkens veranderen/ en daer in leyt cleyn bleeck geel sadeken. Dit gheheel cruyt es sterck ende vremt van ruecke/ al om in stelen/ bladeren/ en bloemen/ vol van sap dat ghelijck Safferaen geel es/ scerp en bitter van smaecke/ dat daer uutloopt wanneer dat dit cruyt ghequetst wordt/ ende alder meest uut die wortele die zoo geel als gout es/ met veel veeselinghen daer neffens aenhanghende.

Ficaria verna subsp. verna - Gewoon speenkruid

Zie alle foto's van Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengid

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Chelidonium minus, Hirudinaria minor (Scrofularia minor, Ficaria), cleyne Gouwe (cleyn Speen cruyt, cleyn Swaluwencruyt) (Ranunculus ficaria subsp. bulbifer)

  • 1644 Vlaams: Gouwe (Kleyne), Speencruydt
  • 1616 Latijn: Chelidonium minus [49]
  • 1554/1557: Blaternkraut, Chelidonium minus, Esclaire (petite), Feigwartzen, Ficaria, Gouwe (cleyn), Hirundinaria minor, Meyenkraut, Pfaffenhodlin, Schelwurtz (klein), Schwalbenwurtz (klein), Scrofulaire (petite), Scrofularia minor, Speencruyt (cleyn)

Overzicht Ficaria verna subsp. verna op deze site

Alle foto's van Ficaria verna subsp. verna op internet

Ficaria verna subsp. verna bij Kurt Stueber Gruppe Max Planck IZ

2   Die cleyne Gouwe es een neer cruypende cruydeken met cleyne dunne bruynachtighe steelkens/ en cleyn rontachtighe bladerkens/ den Veyl bladeren ghelijckende/ maer veel minder/ teerder/ weecker/ ende effender. Sijn bloemkens zijn geel ende den Booter bloemen ghelijck. Sijn wortel es veeselachtigh/ met veel aenhanghende knopachtighe wortelkens/ elck knopken eenen tervwen oft ghersten coren ghelijckende.

 

Caltha palustris - Dotterbloem

Foto Luc Regniers

Foto Luc Regniers

Foto Luc Regniers

Foto Luc Regniers

Zie alle foto's van Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Grotere foto in Bioweb Plantengids

Caltha, Dotterbloemen (groote Booterbloemen)

  • 1644 Vlaams: Dotterbloemen, Dottercruydt, Goudtbloemen (Water-)
  • 1616 Latijn: Caltha palustris [598]
  • 1554/1557: Bassinet de prés ou de marés (grand), Booterbloeme (groote), Dotterbloemen, Dotterblumen, Geelweiszblumen, Martenblumen, Moszblumen

Overzicht Caltha palustris op deze site

Alle foto's van Caltha palustris op internet

Caltha palustris bij Kurt Stueber Gruppe Max Planck IZ

Caltha palustris in Plantago PlantIndex

[37]   3   Der cleynder gouwe wordt een cruyt van bladeren ende bloemen seer ghelijck ghevonden datmen Dotterbloemen nuempt/ dat schoon gruene/ rontachtighe bladeren heeft den bladeren van Veyl oft Populier boom wat ghelijck/ maer meerdere en rontsomme wat ghekerft. Sijn stelen zijn ront in veel cleyn steelkens huer verdeylende/ daer op wassen schoone geele bloemen den Booter bloemen ghelijckende/ maer meerder ende lieffelijcker. Als die bloemen af ghevallen zijn/ zoo wassen daer drije oft vier cleyne hauwkens by een ghelijck aen Akeleye cruyt daer in leyt cleyn geel sadeken. Die wortel es dick met veel aenhanghende witte faselinghen. .

Plaetse

1   Groote Gouwe wast in dorre plaetsen by oude mueren/ by den weghen en onder tuynen en haghen.

2, 3   Die cleyne Gouwe ende die Dotterbloemen wassen in vochtighe natte beempden en aen die canten vanden grachten.

Tijt

1   Die groote Gouwe beghint te bloeyen in Aprill ende bloeyet allen den zomer duer.

2   Die cleyne Gouwe beghint seer vroech/ In Sporckelle voorts te comene ende teghen dat die Swaluwen overcomen in deynde van Sporckel/ ende in die Meerte zoo bloeyet zy/ ende blijft durende tot in Aprill/ ende als dan zoo verdwijnt zy/ ende in Meye en wordt zy niet veel meer ghevonden.

  Dotterbloemen bloeyen in Meerte ende in Aprill.

 

Naem

[38]   1   Die groote Gouwe heet in Griecx Chelidonion mega, in Latijn Chelidonium maius, en Hirundinaria maior. In der Apoteken Chelidonia. In Hoochduytsch/ grosz Scholwurtz/ grosfz Schwalben kraut/ Goldtwurtz/ en Schelkraut. In Neerduytsch Gouwortel/ en groote Gouwe. In Franchois Chelidonie/ ou Esclere et Esclayre.

2   Die cleyne Gouwe/ wordt in Griecx gheheeten Chelidonion micron. In Latijn Chelidonium minus, en Hirudinaria minor. In der Apoteken Scrofularia minor, en Ficaria. In Hoochduytsch kleyn Scholwurtz/ kleyn Schwalben wurtz/ Feigwartzen kraut/ Blatern kraut/ Pfassen hodlin/ en Meyen kraut. In Neerduytsch cleyn Gouwe/ en cleyn Speen cruyt. In Franchois Bassinet.

3   Dotterbloemen worden in Hoochduytsch gheheeten Mosz blumen/ Dotterblumen/ Geel wisz blumen en Marten blumen. In onser talen Groote Booterbloemen ende Dotterbloemen.

Oirsaecke zijns naems

1   Die groote Gouwe wordt in Griecx Chelidonium dat es in Duytsch Swaluwencruyt gheheeten/ om dat die Swaluwen (als Plinius seyt) dit ierst ghevonden hebben/ ende daer mede hueren ionghen ghebreck in die ooghen hebbende oft blint wesende/ ghenesen ende siende maken.

2   Dat cleyn/ wordt daer om Swaluwen cruyt gheheeten/ om dattet beghint te wassen ende te bloeyen als die swaluwen overcomen/ ende wederom verdwijnt teghen en eer die Swaluwen wech vlieghen.

Natuere

1, 2   Beyde dese cruyden zijn heet ende drooghe tot in den derden graet/ ende dat cleyne es heeter dan dat groot.

3   Die Dotterbloemen zijn van natueren oock warm/ maer niet seere.

Cracht en werckinghe

1
A
   Tsap van Groote Gouwe met huenich ghemenght/ ende in een cooperen potteken ghesoden/ maeckt claer ghesichte/ ende neempt af die scellen ende littekeenen die op die ooghen wassen/ dickwils in die ooghen ghedruypt.

B   Tselve sap met wijn/ heylt ende gheneest die voorts etende sweringhen en ulceratien/ die daer mede ghewasschen.

C   Die wortel met anijs in witten wijn ghesoden/ opent die verstoptheyt vander levere ende verdrijft die geelsucht.
Die selve wortel in den mont ghenomen ende gheknout/ gheneest den tantsweer.

2
D
   Die cleyn Gouwe ghestooten en op verswooren oft andere quade naghelen gheleyt/ doet die quade uutvallen/ ende andere goede wassen/ ende met urine oft wijn ghestooten/ ende sonderlinghe die wortelen/ verdrijven ende ghenesen die speenen daer op gheleyt/ dijsgelijck werck doet oock dat sap met wijn oft urine duer ghedaen/ die speenen daer mede ghewasschen.

E   Dit cruyt in wijn ghesoden ende daer mede ghegorghelt/ doet veel taye fluymen uut den hoofde comen ende uutspouwen.

F   Tsap van der wortele met huenich vermenght ende in die nuese ghedaen/ doet oock veel vochticheyt uut den hoofde rijsen/ ende onstopt den nuese als sy verstopt es.

3
G
   Die Dotterbloemen en zijn in der medecijnen niet bruyckelijck.

 

^Naar het begin van deze pagina